Blog

Tekst inkorten: 9 manieren om een tekst snel korter te maken

Tekst inkorten: 9 manieren om een tekst snel korter te maken

Een tekst inkorten, vooral een die je zelf geschreven hebt, is een lastige klus. 9 manieren om snel een tekst korter en leesbaarder te maken.

Ooit stuurde ik een opdrachtgever een nieuwsbrieftekst van 350 woorden. “Ik vind hem zelf nog een beetje lang,” schreef ik erbij. “Maar anders kon ik niet alle input verwerken.” Het antwoord van de klant was duidelijk: het moet naar 170 woorden, met behoud van inhoud.

En dat lukte. Ik stond zelf verbaasd over hoe veel van mijn originele tekst gewoon weg kon. Geleerde les: hoe bondig je het ook opschrijft, het kan altijd korter.

Hier een paar tips om eens stevig met de kettingzaag door je tekst te gaan.

1. Tekst inkorten: weet wat je wilt zeggen

Een tekst is vaak te lang omdat je er dingen bij hebt gehaald die niet bij het kernonderwerp horen. Check dus eerst of er ‘zijpaden’ in je tekst staan die weg kunnen.

2. Verwijder dubbele informatie

Daarna kijk je wat je wél wilt vertellen en zorg je dat je dat maar één keer vertelt. Herhalingen halen het tempo uit je tekst en een tekst inkorten gaat heel snel als je ze weghaalt. Iets als ‘het gebruik van mobiel internet is met 50% gestegen. We zijn dus met zijn allen anderhalf keer zoveel mobiel gaan surfen’ is snel geschreven, maar de helft ervan kan weg.

3. Kijk kritisch naar lange zinnen

Lange zinnen hebben een slechte naam. Dat is niet helemaal terecht. Een lange zin kan heel goed werken om snel informatie over te brengen, maar dan moet hij wel goed gestructureerd zijn. Maar lange zinnen hebben nog een voordeel: je hoeft maar één keer een onderwerp en een werkwoord te schrijven en dat helpt je tekst te verkorten. Verwijs- en verbindingswoorden kunnen weg, als je 2 zinnen samenvoegt. Daar staat tegenover dat een lange zin soms woorden nodig heeft die de zaak ‘aan elkaar breien’, zoals bijvoorbeeld ‘enerzijds-anderzijds’. Kijk dus goed naar je zinnen. Soms zit er winst in het in stukken hakken van een lange zin en soms wordt je tekst juist bondiger als je zinnen samenvoegt.

4. Hulpwerkwoorden

Hulpwerkwoorden zoals ‘hebben’, ‘kunnen’ en ‘worden’ kunnen allemaal weg. ‘We hebben WordPress geïnstalleerd’ wordt ‘we installeerden WordPress’. Actiever, vlotter én 1 woord korter.

5. Wees zuinig met bij- en voegwoorden

Bijwoorden en voegwoorden zijn onmisbaar, maar overdrijf het niet. Kijk of zinnen op zichzelf kunnen staan, zodat ‘hoewel’, ‘maar’ of ‘desondanks’ overbodig worden. Denk ook goed na of je toevoegingen als ‘heel erg’, ‘bijzonder’ of ‘zeer’ echt nodig hebt. Vaak is een zin juist krachtiger zónder.

6. Schrap bijvoeglijke naamwoorden

Met het schrappen van bijvoeglijke naamwoorden is veel te winnen. Print je tekst uit, streep alle bijvoeglijke naamwoorden aan en kijk of je van minimaal twee derde af kunt komen. Ik weet zeker dat het lukt!

7. Maak passieve zinnen actief

Passieve zinnen zijn lelijk en lezen niet lekker. Maar ze zijn ook nog eens langer dan actieve zinnen. ‘Verschillende diensten worden door ons geleverd’ -> ‘Wij leveren verschillende diensten’. Zie je?

8. Geen modaliteiten meer

Een modaliteit is een woord of woordcombinatie waarmee de schrijver zijn eigen mening toevoegt aan de tekst. Denk daarbij aan dingen als ‘eigenlijk’, ‘in feite’ of ‘zo’n beetje’. Maar de lezer weet al lang dat jij de schrijver bent en dat het dus om jouw mening of visie gaat en heeft die termen dus helemaal niet nodig. Modaliteiten verzwakken je verhaal ook. Laat ze weg. Schrijf niet: ‘Wij kunnen mogelijk de conversie van je website verbeteren.’ Schrijf: ‘Wij verbeteren de conversie van je website.’

9. Maak een puntenlijstje

Wil je je tekst nog korter maken? Maak een puntenlijstje. Schrijf de onderdelen van wat je wilt zeggen kort en bondig uit en zet ze gewoon onder elkaar. Geen woorden nodig om de zaak aan elkaar te babbelen! En het is ook nog eens fijn voor de lezer, zeker online, omdat het een tekst ‘scanbaar’ maakt.

Succes met snoeien!